Van de kinderboekenserie De Klimaatjes verschijnt medio juni het boek Blij met een bij waarin het thema biodiversiteit centraal staat. Vakblad Groen interviewde coauteur Andy Engel twee jaar geleden naar aanleiding van het verschijnen van het boek Wat is het warm. Inmiddels zijn we drie boeken verder. Tijd voor een update.

Andy Engel kwam enkele jaren geleden op het idee om kinderboeken te gaan maken omdat hij vanuit zijn dagelijks werk, als adviseur bij Advies- & ingenieursbureau RA infra en voorheen als rioolbeheerder bij de gemeente Bergeijk, de nadelige gevolgen van klimaatverandering ervaart, evenals de grote urgentie van het belang van een duurzame leefomgeving. Samen met Judith Koppens, Nynke Mare Talsma en Uitgeverij Clavis bedacht hij De Klimaatjes. Het team achter De Klimaatjes is van mening dat het van wezenlijk belang is om kinderen op jonge leeftijd bij deze veelal abstracte, brede onderwerpen te betrekken en kinderboeken lenen zich daar goed voor. Er zijn tot dusverre vier kinderboeken uitgegeven in De Klimaatjes-reeks: Natte voeten over wateroverlast, Wat is het warm over hittestress, Warme Truien over energieverbruik en Plasticsoep over plastic en zwerfafval. En nummer vijf besteedt via Blij met een bij aandacht aan biodiversiteit. Een actueel onderwerp dat volgens Engel naadloos aansluit bij de visie van De Klimaatjes omdat biodiversiteit een belangrijke pijler is van onze leefomgeving en een onderdeel is van duurzaamheid in het algemeen.

Samenwerken
Engel: ‘We brengen in onze boeken de complexe items terug naar de beleefwereld van kinderen en bieden aan het einde altijd een handelingsperspectief. De boeken kennen zeven hoofdrolspelers in de vorm van dieren die we een elk een eigen karakter hebben meegegeven en die tot de verbeelding spreken bij kinderen. Zo is er een uil (de wijsheid), een kikker (spring in het veld) en een muis (hippe slimmerik). Een aantal karakters leeft in het bos en de andere in de stad en net zoals in de “echte” grotemensenwereld moeten de dieren in het boek samen aan oplossingen werken voor een gezonde en fijne leefomgeving, ondanks hun verschillen. Op deze manier maken we dus een vertaalslag van dit soort onderwerpen naar het abstractieniveau van kinderen.’

In Blij met een bij wordt het belang van bijen onderstreept voor de bestuiving en dus voor de voedselproductie. De laatste pagina van elk Klimaatjesboek is een “zelf aan de slag”-stappenplan en deze keer treffen kinderen tips aan over hoe ze de biodiversiteit in de tuin kunnen verbeteren door het zaaien van bloemen en het maken van insectenhotels.

Meer informatie en lessuggesties voor in de klas van “De Klimaatjes” zijn te vinden op www.deklimaatjes.com.

Tekst: Roel van Dijk

Lang niet iedereen heeft een (voor)tuin. Door een smal strookje tegels voor je huis weg te halen, kun je toch een minituintje maken. Ziet er leuk uit én is goed voor het klimaat.

Dit meldt de gemeente Haarlem op haar site.

Alle kleine beetjes helpen, ook als het gaat om het klimaatbestendig(er) maken van Haarlem. Neem nou het fenomeen geveltuintjes. Als je een smalle strook tegels vervangt door groen, kan regenwater makkelijker wegstromen in de bodem. Ook zorgt het groen voor verkoeling tijdens een warme zomer. En tot slot is de begroeiing goed voor bijen en insecten. De oppervlakte van een enkel geveltuintje is misschien klein, maar bij elkaar leveren de minituintjes een mooie bijdrage aan een groener Haarlem.

‘Groen is belangrijk’
Irma Daalmeijer, een Mug in hart en nieren, was meteen enthousiast toen ze hoorde over de mogelijkheid om een geveltuintje te laten aanleggen. “Ik ben grootgebracht met natuur en groen. We hadden thuis alleen maar een balkon, maar dat stond wel vol met bloemen en planten. Ik heb nu zelf een huis met een achtertuin, dat vind ik heerlijk. Maar in onze versteende stad is elk beetje groen welkom, toch?”

Inspirerend
De overbuurvrouw van Irma zag het ook direct zitten: als ze allebei een geveltuintje zouden maken, konden ze van het uitzicht op elkaars tuintje genieten! Irma: “Spaarnelanden heeft ons geholpen bij de aanleg, maar je kunt het natuurlijk ook gewoon zelf doen.” Irma heeft haar geveltuintje nu ongeveer twee maanden. Het strookje moet nog wat meer ‘volgroeien’. “Stiekem droom ik van een straat als de Korte Houtstraat,” lacht ze. “Wat een feest om daar doorheen te lopen. In mijn straat is dat niet haalbaar, maar ik vind het wel heel inspirerend.”

Meteen effect
Heeft Irma nog tips voor andere Haarlemmers die ook wel een geveltuintje willen? “Kijk of je je buren mee kunt krijgen. Als je met elkaar optrekt, kun je het tuinieren samen aanpakken, en zie je ook meteen effect in je straat.” En wat als je buren nou niet meteen staan te springen, vanwege het verlies van ruimte? Irma: “Natuurlijk moet je de stoep nog wel kunnen gebruiken. Als je in een smalle straat woont, waar ook fietsen en bakfietsen op de stoep staan, is dat toch al een ding. Daarom mag een geveltuintje ook niet te breed zijn. Zo is het verlies van ruimte minimaal.” Irma hoopt dat steeds meer mensen enthousiast zullen worden als ze het resultaat om zich heen gaan zien. “Ik hoor nu al leuke opmerkingen van mensen die langslopen. Ouders die even met hun kind blijven staan om te kijken naar de insecten. Ook dáár doe je het voor!”

Spelregels geveltuintje
Om hinder en gevaarlijke situaties te voorkomen, zijn er een paar spelregels voor het aanleggen van een geveltuintje:
– Het geveltuintje moet direct aan de woning grenzen en mag maximaal 60 cm breed zijn.
– Er moet genoeg ruimte overblijven voor andere gebruikers van de stoep.
– Het tuintje moet een opstaand randje hebben om te voorkomen dat het trottoir verzakt.
– Als bewoner ben je zelf verantwoordelijk voor het onderhoud van het tuintje en zorg je ervoor dat andere bewoners geen overlast ondervinden.

Lees alle voorwaarden op www.haarlem.nl/geveltuintjes.

Nijmegen-West, ofwel Ulpia Noviomagus is de oudste en grootste Romeinse stad van Nederland. Er woonden in de tweede eeuw zo’n 5.000 à 7.000 mensen, Bataven en Romeinen. Op het Maasplein is deze geschiedenis nu op een unieke manier zichtbaar gemaakt, met groen dat de Romeinen naar Nijmegen brachten. De gemeente en bewoners hebben nagedacht over een groene invulling van het stenige plein. Met resultaat: het plein is nu een levende, groene getuige van de geschiedenis. Hiermee past het perfect bij de campagne Operatie Steenbreek van De Bastei: Stenen eruit, GROEN erin!

Op vrijdagavond 14 juni om 19 uur openen wethouder Bert Velthuis en ambassadeur van Operatie Steenbreek, Margot Ribberink het vernieuwde Maasplein.

Nijmegen-West ís geschiedenis
Net ten zuiden van de Waal liggen de resten van monumentale gebouwen zoals de openbare thermen. En rond de stad lagen uitgestrekte grafvelden. Wie in Nijmegen-West woont, lééft op geschiedenis. Naast de plek waar nu het Maasplein ligt, stonden 1900 jaar geleden twee Romeinse tempels. De omtrekken van de tempels zijn zichtbaar op de stoepen en straten door het gebruik van een andere kleur steen. Op het Maasplein zelf was de omtrek van een luxe huis te zien. Het steen en het asfalt is op het Maasplein vervangen door groen: een oppervlakte van 2100 m2 is getransformeerd in een groene oase. Omgerekend naar stoeptegels, praten we over maar liefst 23.000 tegels die zijn ingeruild voor groen. Een prachtige aanvulling op de campagne Operatie Steenbreek. De teller staat nu, voor dit jaar, al op ruim 73.000 tegels.

Romeinse planten
Op het groene Maasplein staan planten waarmee de Romeinen tweeduizend jaar geleden hun tuinen versierden zoals rozen, hazelaar en moerbei. Ook de kastanje is door de Romeinen naar Nederland gebracht. Het plein ademt dus de Romeinse historie, maar is ook een groene ontmoetingsplek en een plaats waar kinderen met elkaar kunnen spelen. Voor De Bastei, die de campagne Operatie Steenbreek Nijmegen voert, is dit een uniek voorbeeld van hoe groen en historie elkaar kunnen versterken.

Stenen eruit, groen erin!
Met het Maasplein is er weer een stenen plein in Nijmegen groener gemaakt. Een groene stad is belangrijk om hitte tegen te gaan en regenwater beter weg te laten lopen. Ook is een groene omgeving beter voor het welzijn van mensen én prettig voor vogels en vlinders. Op vrijdagavond 14 juni openen Wethouder Bert Velthuis en Margot Ribberink, ambassadeur van Operatie Steenbreek, het plein. Het campagneteam van Operatie Steenbreek deelt plantjes uit (op = op). De opening begint om 19.00 uur en duurt tot ongeveer 20.00 uur.

Dag 1 Hedendaags groen in een historische context

  • 12:00 uur    Aankomst hotel
  • 12:45  uur  Welkom door schepen (wethouder) in het Huis van de Bruggeling, inclusief lunch. Huis van de Bruggeling ligt op loopafstand van het hotel.
    • Uitleg over groenvisie / stedenbouw
    • Uitleg over ‘water resilient cities’ + klimaatadaptatie
    • Europese subsidies: werkwijze (drie medewerkers van stad Brugge zoeken permanent naar geschikte EU subsidies).

Excursie

  • 13:15 uur  Stationsplein en Koning Albertpark: Nieuwe toegang tot Brugge.
  • 14:00 uur  Dak Concertgebouw om op de stad van bovenaf te bekijken.
  • ’t Zand: het nieuwe plein van de 101 Linden. Uitleg over ontwerp (door West 8 Urban Design & Landscape Architecture) en over het proces om bomen te vervangen en de discussies die volgden met de horecaondernemers. Er stonden voorheen 100 bomen op het plein nu 101. Een statement van de stad Brugge.
  • 15:15 uur  Vesten: Inzoomen op: openleggen de rivier Reie (afkoppelingsbeleid, rioleringsbeleid). Voorbeelden van verhardingstypes in de historische context worden bekeken.
  • 16.00 uur   Klimaatadaptatie  / waterbeheer: beleid binnenstad. Brugge verhoogt haar veerkracht tegen de gevolgen van klimaatverandering door meer groen in de stad.
    • Hoe om te gaan met klimaatadaptatie in een historische oude binnenstad?
    • Moderne architectuur kan in Brugge  (onderweg voorbeeld bekijken)
  • 17:00 uur Boottocht: zeer mooi beeld vanuit ander perspectief (met inhoudelijke toelichting van stad Brugge)
  • 17:30 uur Afsluiting van programma
  • 19.45 uur Diner

Dag 2 Effecten pesticidenvrij beheer op ecologie

  • 9:00 uur Starten – bij het Huis van de Bruggeling – met een centrale toelichting over het programma van de dag en daarna met de bus naar de onderstaande projecten.

Excursie

  • 9:30 uur Centrale begraafplaats. Oudste kerkhof van Brugge. Vanaf 1798 wordt dit kerkhof niet gebruikt vanwege hygiëne. Fantastisch groot begraafplaats met oude bomen, zoals majestueuze beuken, oude structuren met lanen en grafvelden. Twintig jaar geleden is men overgestapt op pesticidenvrij beheer. Begraafplaats kent op de hoofdpaden na geen tegels en asfalt. Bijzondere beplanting tussen de zerken, ((korst)mossencultuur, vaste planten, stinzenplanten).
  • 11.00 uur Twintig jaar geleden stapte Brugge over op pesticiden vrij beheer. Vanaf die tijd heeft Brugge een indrukwekkend wagenpark ontworpen en uitgebouwd dat specifiek is afgestemd op de beheersconsequenties. Demonstratie van 20 typen machines.
  • 12:00  uur  Lunch in Hoeve Hangerijn (in deelgemeente Assebroek): gerestaureerd, ligt aan de rand van Brugge en is een groot binnenstedelijk natuurgebied met dagbesteding.
  • 12:30  uur  Engels Klooster
  • 15.30 uur Afsluiten

Interesse / Aanmelden?

Gaat u mee? Meld u dan hier aan.
033 4794050
info@steenbreek.nl

Met een bierfiets ging de jury op 6 juni door Velp-zuid langs de vijf tuinen om alle ontworpen Steenbreektuinen te beoordelen. Jelle van Haren de ontwerper en uitvoerder van de voortuin Graaf Hendrikstraat 19 trok aan het langste eind. Wethouder Doris Klomberg, tevens jurylid, van de gemeente Rheden overhandigde Jelle de prijs en de felicitaties.

In september 2018 werden vijf hoveniersstudenten van de groene mbo-opleiding Aeres MBO Velp gekoppeld aan bewoners met veel steen in hun tuin. Zij maakten een ontwerp in overleg met de bewoner. Op 6 juni was de prijsuitreiking. Het ging om een tiende van punten bij de tuin van Jelle en Roel. Roel Klein Hesselink had drie voortuinen (Johan de Wittstraat 8, 10 en 12) kundig aan elkaar verbonden en op zo’n manier dat de bewoners goed kunnen overleggen over het onderhoud.  Jelle had mooie beplanting, een natuurlijke pergola en bijna geen steen meer in de tuin liggen. Vooral dat laatste gaf de doorslag.

“Ik buurt mee” – keet van Gemeente Rheden
Bewoners van de gehele gemeente Rheden kunnen een aanvraag indienen om aan het project mee te doen. Bewoners dienen zelf de stenen uit hun tuin te halen en de gemeente voert ze af. In ruil daarvoor krijgen zij gratis planten en goede grond om hun tuin te vergroenen. In april en mei stond de keet in de wijk en konden de bewoners heel veel informatie krijgen bijvoorbeeld over de keuzes die men kan maken wat betreft plantensoorten, ideeën om een tuin of oprit aan te pakken. Het gebruik van infiltratiebuizen en het creëren van een groen dak. Er waren folders, flyers, zakjes met zaden beschikbaar en een medewerker informeerde de belangstellenden over alle opties.

Operatie Steenbreek
Het project in Velp komt voort uit de wijkschouw in 2017.  Daarbij hebben buurtbewoners allerlei ruimtelijke verbeterpunten verzameld. Verwilderde en versteende tuinen werden daarbij veel genoemd. Gemeente Rheden heeft als doel gesteld dat de wijk Velp-Zuid groener, meer klimaatbestendig wordt en dat het algemeen beeld van de wijk aantrekkelijker gaat ogen. Naar alle waarschijnlijkheid gaat er volgend jaar weer een ontwerpwedstrijd gehouden worden maar dan in een andere wijk van de gemeente Rheden.

Zes vierkante meter inheems microbos aanleggen in je eigen tuin? Aan de vooravond van de Nationale Tuinweek introduceert IVN Natuureducatie in samenwerking met Sprinklr het ‘Tuiny Forest’. Een compleet pakket van inheemse bomen, struiken en kruiden voor in de tuin.

Maarten Bruns, projectleider bij IVN: “Afgelopen jaar werden we verrast door aanhoudende droogte waar mensen, dieren en planten veel last van hadden. Experts voorspellen ook voor 2019 een droge en hete zomer. Steeds meer Nederlanders hebben een betegelde tuin en zitten daardoor in een soort oventje. Het planten van een Tuiny Forest geeft direct verkoeling én meer leven in je tuin.”

Van een Tiny Forest naar een Tuiny Forest
In 2015 plantte IVN het eerste Tiny Forest; een inheems bos ter grootte van een tennisbaan. Inmiddels liggen er al tientallen Tiny Forests in de openbare ruimte door heel Nederland. Al snel ontstond de wens om nog meer de buurt in te komen, de tuin in zelfs. Maarten Bruns: “Ons motto is: tegels eruit, groen erin. Maar niet iedereen weet hoe je dit vergroenen aanpakt. Daarom bieden we mensen een compleet pakket aan dat past in bijna elke tuin. Een Tuiny Forest is makkelijk zelf aan te leggen en helpt hittestress en droogte tegen te gaan. Daarnaast creëer je een fijne plek voor bijen, vogels en insecten en dus goed voor de biodiversiteit. We helpen mensen om zelf hun tuin prettiger te maken, terwijl ze bijdragen aan het oplossen van ingewikkelde problemen.”

Toegang tot gifvrije en duurzame planten
IVN werkt voor het pakket samen met Sprinklr, een plantenwebshop die gifvrije en duurzaam gekweekte planten verkoopt. Liedewij Loorbach, mede-oprichter van Sprinklr: “Wij willen mensen er graag bewust van maken dat het goed is om te kiezen voor planten die gekweekt zijn zonder pesticiden en mensen ook de kans bieden om onbespoten planten te kopen. Die zijn nog maar weinig te krijgen in de tuincentra. Ons doel is om Nederland duurzaam te vergroenen en daarom is deze samenwerking met IVN zo te gek. Tuiny Forest geeft echt een boost aan een groen en biodivers Nederland.”

Waarom inheems?
Een Tuiny Forest bestaat uit een mix van biologisch gekweekte, inheemse planten. Inheemse planten hebben zich na de laatste ijstijd spontaan in Nederland gevestigd. Ze zijn volgens de initiatiefnemers beter bestand tegen ziektes en trekken meer bijen, vlinders en vogels aan dan exotische planten. Een Tuiny Forest kost € 169,95 en er is dit jaar een gelimiteerde oplage van 400 pakketten die vanaf vrijdag beschikbaar zijn.

Tuiny Forest
Tuiny Forest is een onderdeel van het IVN-programma Natuur in de Buurt. De bossen stimuleren biodiversiteit en helpen bij het klimaatbestendig maken van buurten. ASN Bank werkt sinds juni 2019 mee aan het versterken van dit programma. Samen willen we alle tuinen in Nederland vergroenen, zodat er een natuurpark ontstaat dat groter is dan de Veluwe.

Foto: IVN Natuureducatie

Op 15 juni 2019 organiseren Willemstein Hoveniers en de gemeente Waddinxveen voor de tweede keer “Operatie Steenbreek”. Van 10.00 uur tot 14.00 uur kunnen inwoners een tegel inleveren bij de gemeentetent aan de Groensvoorde. Daarnaast zijn er experts aanwezig die de geïnteresseerden advies en informatie geven over het vergroenen van de tuin, waterafvoer en nog veel meer.

Wethouder Gezina Atzema zal om 10.00 uur het startsein geven door de eerste tegel te breken.

Waarom deze actie?
Groene tuinen zijn goed en belangrijk. Samen verstening tegengaan met groen houdt onze omgeving leefbaar, want door verstening lopen de temperaturen op. Dit betekent ook minder groen in de tuin, minder vogels, insecten en andere dieren. Daarnaast zorgt meer groen in de tuin voor een betere waterafvoer na een heftige regenbui. Hiermee verkleinen we dus wateroverlast en druk op het riool. En niet onbelangrijk: het ziet er mooi uit.

Bijenballen
Er is ook een leuke activiteit voor kinderen. Zij kunnen ballen maken die in de natuur gegooid of gelegd kunnen worden. Deze ‘zaadbommetjes’ zijn bedoeld om vooral wilde bijen en hommels te helpen om aan genoeg nectar te komen. In de zomer zullen deze zaadjes veranderen in kleurrijke bloemen.

Bron:
Gemeente Waddinxveen

De provincie Utrecht heeft 55 inzendingen ontvangen voor de natuurprijs Groene Kroon 2019. Van bouwbedrijven tot particulieren, van architecten tot gemeenten: een verscheidenheid aan inzenders stuurde initiatieven in die de biodiversiteit in en rondom bebouwd gebied versterken. De jury buigt zich de komende maanden over alle inzendingen waarna ze op 18 september de winnaars aanwijst.

Van 20 februari tot en met 1 juni konden initiatieven worden ingestuurd, in twee categorieën:
– Kleine initiatieven van bijvoorbeeld particulieren, buurtinitiatieven, stichtingen, onderwijsinstellingen en midden- en kleinbedrijf.
– Grote initiatieven van bijvoorbeeld woningcorporaties, gemeenten en bouw- en aannemersbedrijven.

Van de 55 inzendingen valt tweederde in de categorie ‘kleine initiatieven’. Een derde van de inzending zijn ‘grote initiatieven’.

Jury
De jury bestaat uit Robbert Snep (Wageningen University & Research), Fiona van ’t Hullenaar (Universiteit Utrecht), en Mathias Lehner (nextcity.nl). In juni komen zij bijeen om per categorie zes genomineerden aan te wijzen. De genomineerden ontvangen van de jury feedback op het ingezonden initiatief waarna zij enkele weken de gelegenheid krijgen om de inzending te verbeteren of aan te vullen. In augustus kiest de jury vervolgens per categorie drie finalisten. Op 18 september wordt duidelijk welke initiatieven daadwerkelijk beslag leggen op de natuurprijs Groene Kroon 2019.

Doel
Met de natuurprijs Groene Kroon stimuleert de provincie Utrecht iedereen om te helpen onze bijzondere Utrechtse natuur te beschermen. Het thema van 2019: Natuur in en rondom de bebouwde omgeving.

Bijdrage aan biodiversiteit
Utrecht is een drukke provincie met een gevarieerd buitengebied, grote stedelijke gebieden en aantrekkelijke dorpen. De bebouwde omgeving is niet alleen ónze woonomgeving, maar ook die van planten en dieren. Steden en dorpen kunnen daarom een belangrijke bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Toepassingen als vogelvriendelijke tuinen, groene daken, bloemstroken en (ingebouwde) nestkasten kunnen allemaal onderdeel zijn van woonwijken, bedrijventerreinen en individuele woningen.

Positieve effecten van natuur
Ook parken, plantsoenen, bermen en waterpartijen zijn goed voor de natuur in de stad, wanneer ze natuurvriendelijk worden ontworpen en beheerd. Hierdoor komt er ruimte voor planten en dieren, met speciale aandacht voor beschermde en bedreigde soorten. Bovendien nodigt een groene omgeving uit tot bewegen, ontspannen en ontmoeten. En dat draagt weer bij aan de gezondheid van onze inwoners.

Bron:
Provincie Utrecht