De eerste officiële waarneming op het eilandje in de Hofvijver leverde maar liefst het rapportcijfer 9,1 op voor het bodemleven. Er leeft van alles: van blinde kronkels tot roodstippen. Kamerlid en bioloog Frank Wassenberg beleefde zelfs zijn “Darwinmoment”.

Blinde kronkels, grote aardkruipers, zakspinnen, opvallend glimmende bosspiegelloopkevers en wel negen soorten pissebedden. Dat zijn maar enkele van de bewoners op het mini-eiland in de Haagse Hofvijver, om de hoek bij het Binnenhof. “Er leeft veel meer dan gedacht,” zegt initiatiefnemer en bodemkenner Gerard Korthals van het Centrum voor Bodemecologie en het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW). “Dit toont meteen het belang van groen en van onverharde bodem in de stad.” Per kano bezocht een team van biologen tijdens de Bodemdierendagen 2020 een van de best bewaakte eilandjes van Nederland – met uitzicht op het Torentje. De resultaten zijn nu bekend: wel 40 verschillende soorten bodemdieren bewonen ‘de officiële achtertuin van Nederland’.

Waar is de mol?
Honderden citizen scientists verspreid over het hele land onderzoeken tijdens de Bodemdierendagen de stand van het bodemleven in dorpen en steden. Op bepaalde ijklocaties doen ecologen die ‘bodemdierenscan’, zoals in Den Haag. Elke zoekplek krijgt een eigen rapportcijfer voor de algemene biodiversiteit in en op de bodem. Hoe groter de diversiteit, hoe gezonder de bodem. Iedereen zoekt naar belangrijke bodembewoners uit 10 hoofdgroepen: van regenworm tot kever, en van pissebed tot mier. Van die hoofdgroepen liet alleen de mol verstek gaan op het eiland in de Hofvijver. “Hoewel dit dier toch echt goed kan zwemmen”.

Darwinmomentje
Speciale gastonderzoeker was Frank Wassenberg, lid van de Tweede Kamer namens de Partij voor de Dieren én bioloog. Hij is zeer geïnteresseerd in het wel en wee van ook het kleine dierenleven. Voor Wassenberg voelde het naar eigen zeggen als zijn “Darwinmomentje”. Een ontdekkingsreis, weliswaar niet met het schip de Beagle naar de Galapagos-eilanden maar met een kano naar Klein Mauritius – zoals het eilandje in de Hofvijver soms ook wel wordt genoemd. Op expeditie vonden Wassenberg en collega-biologen van NIOO-KNAW, het Centrum voor Bodemecologie en de Vrije Universiteit (VU) leuke soorten. Expert Matty Berg van de VU somt wat voorbeelden op:

  • de roodstip, een fraai miljoenpootje met een rij rode stippen op iedere flank.
  • de zeer schuwe bruine houtmier, die van vermolmd hout houdt.
  • de brakwaterspringer die glimt en verre sprongen kan maken: geen standaardsoort.
  • en de mierenpissebed is ook bijzonder: klein, blind en wit leeft hij tussen de mieren in hun nest.

Berg is de komende weken zoet met het uitpluizen van de namen van nog kleinere soorten bodemdieren, zoals mijten en springstaarten die je met het blote oog niet goed kan zien. De grote dieren treden op als ambassadeurs voor het hele bodemleven en bepalen zo de score bij de Bodemdierendagen. “Maar het aantal van 40 soorten gaat dus nog zeker oplopen.”

Grondwet
De grond schrijft eigenlijk de wet voor: als het met de bodem niet goed zit, wordt het nooit wat met de natuur (of landbouw) daarboven. Het viel de onderzoekers wel op dat de eilandgrond verstoord en rijk aan voedingsstoffen is, zoals vaker in stadsparken. Brandnetels groeien er dan ook volop. Maar niet alle bodemdieren tieren er welig. “We zagen bijvoorbeeld heel weinig naakt- en huisjeslakken,” legt Korthals uit. “Verder naar onder zit natuurlijk zand en het water uit de duinen is helder,” zag Korthals. En de ligging maakt verder dat dit gebiedje meestal met rust gelaten wordt. Zo kon het toch uitgroeien tot een kleine groene parel voor het bodemleven in de stad.

Eigen tuin
Wie evenaart die 9,1 in eigen tuin of park? Het hoeft niet veel tijd te kosten om dat te ontdekken. In ongeveer een half uur ben je klaar met speuren en doorgeven. Waarnemingen zijn nog tot en met zondag 11 oktober welkom op www.bodemdierendagen.nl. Een paar honderd waarnemingen zijn er tot nu toe al binnen.