‘Als iets vanuit bewoners ontstaat is dat succesvoller’

Voorbeeld van een tuin in Dieren-West die is aangepakt. Beeld: Steenbreek

Dat inwoners een belangrijke rol kunnen spelen bij vergroening van hun buurt en daarmee tegelijkertijd ook de gemeente een hoop werk uit handen nemen, bewijst een project in Dieren-West. ‘De schoonheid zit in het jaarrond verbinden van bewoners door bewoners, en het gezamenlijk eigenaarschap.’ Met die woorden werd het project vorig jaar zelfs genomineerd voor de Steenbreker van het Jaar. Het is de beloning voor 5 jaar lang werken aan klimaatadaptatie en vergroening.

Wijkbewoners in Dieren-West (gemeente Rheden) kunnen zich jaarlijks in maart opgeven om mee te doen om de wijk groener, biodiverser en klimaatbestendiger te maken. Zij krijgen in april een tuinbezoek van vrijwilligers van het project en advies over het vergroenen van hun tuin en dak, het verhogen van de biodiversiteit en het nut van afkoppelen. Vervolgens wordt geïnventariseerd welke materialen nodig zijn om dat mogelijk te maken en wordt de bestellijst bij de gemeente ingeleverd. Die zorgt voor bestellen, afhalen van de gewipte tegels en (gratis) leveren van de spullen.

Michel van Wijk, als Steenbreek-adviseur betrokken bij het project Operatie Steenbreek Dieren-West, vertelt: ‘Bij veel gemeenten kunnen mensen zich inschrijven voor subsidiemaatregelen. Vervolgens moet een groenmedewerker die aanvraag controleren, dan toestemming geven en achteraf controleren wat er gedaan is. Dat kost heel veel tijd. Daarbij komt dat menig gemeenteambtenaar nog bezig is om een buurt warm te krijgen om met een straatactie mee te doen. Door de wijze waarop Dieren-West ermee aan de slag gaat, heb je voor de gemeente heel veel van die rompslomp weggenomen.’

De deelnemers aan het project moet zelf ook de handen uit de mouwen steken. Ze worden wel geholpen met de afvoer van tegels en geel zand en aanvoer van tuinaarde door de gemeente. Om regenwater af te koppelen van de riolering en te infiltreren in de tuin worden putten en drains beschikbaar gesteld. Daarnaast worden “nectarkroegen” uitgereikt, een doosje met daarin inheemse biologische plantjes en vogel- en vleermuiskastjes. Verder wordt korting gegeven op een groen dak.

Kernactiviteiten

Uiteraard kunnen inwoners altijd advies vragen aan de twee dragende krachten van het project, de vrijwilligers Nicole Boeijink en Marc van der Burght. Die laatste is initiatiefnemer van de actie. Het begon in 2019 bij een bezoekje aan de zogenoemde Ik-buurt-mee-keet van de gemeente Rheden bij een vergroeningsactie, en een gesprekje met Dirk de Rooij, beleidsmedewerker openbaar groen in Rheden. Het jaar erna, tijdens de coronaperiode, lagen dergelijke activiteiten stil.

‘In 2021, het jaar na corona, dacht ik, er komt weer zo’n actie, maar toen kreeg ik van Dirk te horen: nee, nu moeten de bewoners het zelf organiseren’, vertelt Van der Burght. ‘Als vijf of zes buurtbewoners zich zouden aanmelden voor een vergroeningsactie zou hij wel helpen.’

Die uitdaging ging Van der Burght aan. Via een oproep in het buurtkrantje kwamen die bewoners er en ging het project van start met als kernactiviteiten vergroening en afkoppelen. Het wensenlijstje voor infiltratiemateriaal en dergelijke werd bij De Rooij ingeleverd en op deze wijze werd heel veel werk bij de gemeente weggenomen.

Efficiënt

‘Wat Marc en Nicole in de afgelopen jaren gedaan hebben, dat heb ik in het verleden dus zelf gedaan’, zegt De Rooij. ‘Zoiets opzetten kost ontzettend veel tijd. Als iets vanuit bewoners ontstaat, of als bewoners een initiatief hebben en proberen medebewoners enthousiast te krijgen, dan is dat nog succesvoller dan dat de gemeente zegt: we hebben een leuk initiatief, doe je mee? Hoe mooi is het dat zij dat hebben opgepakt en er verder een eigen concept van hebben gemaakt. Dat is gewoon fantastisch.’

Inmiddels hebben in de afgelopen 5 jaar al ruim 120 wijkbewoners meegedaan. Er zijn zo’n 1000 vierkante meter aan tegels afgevoerd, er is circa 1400 vierkante meter aan dakoppervlakte afgekoppeld en er is 417 vierkante meter groen dak aangelegd. Ook zijn in de wijk 118 nestkastjes voor vogels en vleermuizen opgehangen.

Van der Burght: ‘Wij werken zo efficiënt mogelijk, dus niet met vergaderingen en bijeenkomsten. We doen ook geen controle achteraf, mensen hoeven geen verantwoordingsformulieren in te vullen. We houden wel een tuinenwandeling; wij kennen de mensen hier en zien wat er is gedaan.’

‘Het mooiste is de borging’, zegt Van Wijk. ‘Dat je een terugkoppeling hebt waarbij je aan het eind van het seizoen bij elkaar – bij degenen die mee hebben gedaan – langs de tuinen gaat lopen om te kijken: hoe ziet het eruit en wat is het geworden? Dat is ook een moment van samenzijn en inspiratie van elkaar opdoen. Hoe mooi kan het zijn?’

Boeijink vult aan: ‘Het is ook heel dichtbij omdat wij zelf bij de mensen thuis komen. Wat ik heel leuk vind zijn die sociale contacten. Ik woon nu al bijna 20 jaar in Dieren, op verschillende plekken, en ik heb sinds Steenbreek ineens veel meer mensen ontmoet en mensen met elkaar kunnen verbinden. We hebben ook een groepsapp met zo’n 75 mensen. Door de WhatsApp-groep houden de mensen elkaar ook op de hoogte.’

De kracht is volgens Van Wijk dat de actie elk jaar hetzelfde blijft en dus beklijft. De basiselementen zijn vergroenen en afkoppelen. ‘Acties als Maai Mei Niet nemen wij als Steenbreek wel in de landelijke campagnes mee. Daar kunnen de gemeenten dan op aanhaken met hun maaibeleid. Maar dit is echt specifiek bottom-up.’

Draaiboek

De werkwijze in Dieren is een sterk concept gebleken, maar het hangt grotendeels wel af van de twee vrijwilligers, beseffen Van de Burght en Boeijink. ‘Als wij het niet meer doen, stopt het, tenzij andere mensen het van ons overnemen. Er zijn genoeg mensen die belangstelling in dit project hebben en wellicht willen meehelpen met coördineren.’ Voorlopig denken de twee nog niet aan stoppen. De hoop is dat andere wijken van de gemeente dit initiatief oppakken. Er kan dan in ieder geval worden voortgebouwd op de ervaringen in Dieren-West. Ook de gemeente staat positief tegenover dergelijke projecten elders in de gemeente. De Rooij: ‘Als iemand interesse heeft, dan zeg ik: zorg maar dat je vijf, zes medestanders hebt en dan kom ik wel een keertje praten. Of je kunt bellen en dan kan ik het uitleggen. Maar ik laat het verder aan de bewoners. Ik wil eigenlijk alleen maar een bestellijstje hebben. En weten: wat moet waar worden opgehaald, wat moet waar worden gebracht en hoeveel heb je van dit en hoeveel heb je van dat nodig?’

Andere wijken hoeven niet blanco te beginnen, verzekert Boeijink. ‘Inmiddels is ook een draaiboek gemaakt waarin beschreven staat wat er per maand moet worden gedaan. En het wordt ook steeds meer verfijnd en verbeterd, al doende leer je ook. Het is echt een ontwikkeldocument. Ik zou het heel tof vinden als we dit in een andere wijk ook voor elkaar kregen. En daar wil ik heel graag bij helpen.’

Ook Van Wijk ziet deze opzet van een project wel zitten: ‘Een dergelijk initiatief dat door bewoners is opgezet, is ook duurzamer omdat het ontstaat vanuit een intrinsieke motivatie. Als je iets op gaat leggen en een actie gaat doen, dan is het daarna ook klaar. Dan gebeurt er niks meer. Dit initiatief is een druppel en die moet zorgen voor rimpeling in de vijver die uiteindelijk veel groter gaat worden.’

Auteur: Hans Bouwman

Bron: Vakblad Groen