tuin in half open zeecontainer

De BAR-gemeenten – een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk – hebben van een halfopen zeecontainer een verplaatsbare pop-up tuin gemaakt, die te leen is.

Hiermee laten zij hun inwoners zien wat een groene tuin te bieden heeft. De tuin kan bijna overal geplaatst worden. En maakt het een stuk gemakkelijker om het gesprek aan te gaan over de effecten van klimaatveranderingen biodiversiteit. Deze kan goed ingezet worden bij bewonersavonden, festivals, markten, risicodialogen, et cetera. Aan het lenen van de tuin zijn geen kostenverbonden. De tuin moet wel met eigen transport (vrachtwagen met haakarm)worden opgehaald en teruggebracht. De tuin is ook voor meerdere dagen aaneengesloten te leen. Interesse? Neem contact op met Edo van Baars (0612000638). Voor meer informatie download hier de flyer.

Maak van je tuin een levende tuin, voor mens en dier. Met deze boodschap trekken tuinvereniging Groei & Bloei, Stichting Steenbreek, Vogelbescherming Nederland, IVN Natuureducatie, AVVN en KNNV, vereniging voor veldbiologie, in 2020 het land in. Iedere partner levert vanuit zijn eigen organisatie een bijdrage door het organiseren van groene activiteiten, die gebundeld zijn in een gezamenlijke jaarkalender.

Het doel van de organisaties is om van iedere tuin in Nederland een levende tuin te maken. Frank Naber, voorzitter van Groei & Bloei: ‘Door het bundelen van onze krachten werken we  aan een groener Nederland. Deze jaarkalender is ook levend: we zijn gestart met een aantal activiteiten en in de loop van het jaar zal de kalender uitgroeien tot een mooi overzicht van activiteiten in heel Nederland.’

Biodiversiteit
In een levende tuin kun je de natuur zien, voelen, horen, ruiken en proeven. Een belangrijk onderdeel van een levende tuin is de biodiversiteit: een grote verscheidenheid aan soorten dieren en planten die met elkaar zorgen voor een balans in de natuur. Door het gebruik van groen en natuurlijke materialen ontstaat een prettige omgeving. Niet alleen voor de mens, maar ook voor vogels, vlinders en andere dieren en insecten. Wout Veldstra, voorzitter van Stichting Steenbreek:  ‘Steenbreek is vijf jaar geleden ontstaan uit zorg over de afname van de biodiversiteit in de tuinen. We werken aan de bewustwording bij inwoners en ondernemers, maar ook concreet door de realisatie van meer groen in de tuinen. De samenwerking en acties met deze organisaties is daar een belangrijk onderdeel van.’

Activiteiten
Op de jaarkalender staan onder andere de Nationale Vogeltelling van 24 t/m 26 januari en minicursussen ‘Tuinvogels herkennen’. Op 18 maart is de Nationale Boomfeestdag in de gemeente Alphen aan den Rijn en de KinderKlimaatTop. Op 26 maart staat de Inspiratiedag van Stichting Steenbreek op het programma, waar het thema ‘Samen voor meer groen in de buurt’ centraal staat. Groei & Bloei organiseert op 28 maart de actie ‘Tegel eruit, Plant erin’ met Intratuin en van 13 t/m 21 juni staat de Groei & Bloei Nationale Tuinweek in de agenda, waarin de eetbare tuin centraal staat.

Kijk voor een overzicht van alle activiteiten op www.steenbreek.nl/jaarkalender-2020 

De ondertekenaars van het manifest De Levende Tuin, de organisaties die dit concept ondersteunen, worden uitgenodigd om mee te gaan doen. Voor meer informatie ga naar: www.delevendetuin.nl

Foto: Sjon.nl

Actieplan Bos & Hout heeft de ambitie om samen met provincies en gemeenten nieuw bos te realiseren.

Ruimte is echter schaars en er komen verschillende opgaven op het landelijk gebied af. De duurzame transformatie van de agrarische sector, inrichtingsvraagstukken rondom klimaatadaptatie én de toenemende vraag naar betaalbaar wonen in het groen, vormen hiermee bouwstenen voor een interessante denkrichting. Wat als er (agrarische) natuur wordt gerealiseerd op landbouwgrond met als economische motor het (in beperkte mate) toestaan van tiny houses?

Veel agrariërs hebben het niet gemakkelijk. Landelijk gezien leeft 25 procent van de agrariërs onder de armoedegrens en 25 procent denkt er aan binnen tien jaar te stoppen vanwege gebrek aan opvolging. Daarnaast ligt er een toenemende druk op agrariërs vanwege de impact van landbouwactiviteiten op onder andere biodiversiteit, het klimaat en het landschap. Het is om deze reden dat de nationale overheid, provincies en gemeenten ambities formuleren voor een transitie naar een duurzamer en economisch rendabeler buitengebied. Hierbij staan nieuwe verdienmodellen centraal die zorgen voor een betere boterham voor de boer waar de omgeving van meeprofiteert. De ontwikkelingen rondom het stikstofdossier versterken de urgentie van deze zoektocht alleen maar.

Woningvoorraad
Ook zal de komende jaren de woningvoorraad aanzienlijk uitgebreid moeten worden. Niet alleen is er vraag naar meer woningen, ook zijn er steeds meer doelgroepen met hun eigen woonwensen. Zo is er een toenemende behoefte aan tiny houses en andere vormen van kleinschalige bewoning die een lage ecologische voetafdruk hebben. Tiny houses zijn immers vaak gemaakt van duurzame materialen, gebruiken weinig energie en zijn vaak zelfvoorzienend door middel van wateropvang en zonnepanelen. Dit lijkt vooral jongere generaties aan te trekken – een interessant gegeven voor dorpskernen waar een duidelijke vergrijzing plaatsvindt. Want hoewel het aandeel eenpersoonshuishoudens groot is in Nederland, bestaan er tegelijkertijd relatief weinig woningen voor deze groep. Aspirant tiny house-bewoners hebben bovendien vaak de wens om in een natuurlijke omgeving te kunnen wonen. In bestaande natuurgebieden mogen deze woningen niet worden geplaatst, daarom ligt er een mooie kans om nieuw bos te realiseren rondom tiny houses.

Aspirant bewoners hebben vaak de wens om in een natuurlijke omgeving te wonen

Nederland wil volgens het Klimaatakkoord de komende jaren grote stappen zetten op het gebied van klimaatbeleid. Nieuw bos draagt bij aan de klimaatdoelstellingen; de aanplant van nieuw bos is een uitstekende manier om bovengronds CO2 op te slaan. Daarnaast zorgen bomen voor een schonere lucht, ze houden water vast, hout kan worden gebruikt voor biobased bouwen en de aanplant van meer bos bevordert de toename van biodiversiteit. Daarom hebben provincies en gemeenten in het kader van het Natuurpact als doel gesteld om vóór 2027 in totaal 52.000 hectare nieuwe natuur te realiseren.

Testlab
Al deze opgaven hebben geleid tot het ‘Testlab Nieuw Bos en Tiny Houses’, mede gefinancierd door het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), waarin het Instituut voor Maatschappelijke Innovatie en De Natuurverdubbelaars samen met partners Staatsbosbeheer en Tiny Houses Nederland de handen ineen hebben geslagen. In het testlab worden samen met deelnemende gemeenten, zoals Wageningen en provincies, zoals Overijssel, de mogelijkheden verkend en uitgewerkt om nieuw bos te ontwikkelen bij grondeigenaren met tiny houses als onderliggend verdienmodel. Binnen het testlab lopen er twee parallelle trajecten: een quickscan per deelnemende gemeente of provincie en een landelijke Community of Practice met alle deelnemende partijen. Binnen de quickscan ligt de focus op drie onderdelen: locaties, businesscase en regelgeving. Naar behoefte is er ook aandacht voor communicatie, ecologie en klimaatgunstige beplanting, ontwikkeling van tiny houses en politiek en maatschappelijk draagvlak. In de quickscan wordt in een aantal bijeenkomsten met interne en externe stakeholders de haalbaarheid van deze deelvragen van het project onderzocht.

Door ruimte voor tiny houses te verhuren ontstaat een businesscase voor erfeigenaren

De landelijke Community of Practice bestaat uit een aantal informatieve bijeenkomsten waarbij verschillende gemeenten en provincies samenkomen om gezamenlijk lastige vraagstukken op te lossen, zoals vragen omtrent regelgeving en de nieuwe Omgevingswet. De landelijke bijeenkomsten zijn tot nu toe altijd druk bezocht, zowel door ambtenaren en bestuurders van gemeenten en provincies, als door initiatiefnemers die graag in een tiny houses zouden willen wonen. De opkomst laat zien dat de interesse en de wil aanwezig zijn. Nu is het aan de provincies en gemeenten om in beweging te komen, randvoorwaarden te stellen en de verkenning aan te gaan. Provincie Overijssel en verschillende gemeenten zijn koplopers die al aan het testlab deelnemen.

Nieuw verdienmodel
Deze nieuwe combinatie van natuur en tiny houses kunnen concurrerend zijn met opbrengsten vanuit agrarisch gebruik. Onderstaande tabel toont een versimpelde businesscase voor zowel bestaande grondeigenaren als voor wanneer de grond nog moet worden aangekocht.

Tabel 2 laat zien dat onder een aantal realistische aannames de terugverdientijd voor tiny houses in combinatie met natuur op zes jaar ligt. Wanneer er grond moet worden aangekocht, ligt dit op veertien jaar, met drie tiny houses per hectare. De grond is dan volledig terugverdiend, hoewel deze natuurlijk ook een waarde behoudt. Uiteraard kunnen de berekeningen worden verrijkt met kosten voor infrastructuur, afwijkende grondprijzen, leegstand, aanloopkosten beheer en eventuele subsidie Kwaliteitsimpuls natuur en landschap (SKNL). Door ruimte voor tiny houses te verhuren ontstaat er een businesscase voor erfeigenaren die in het geval van eigen grond in zes jaar break-even kan zijn waarmee bovendien een verrijking van het landschap is gefinancierd.

Actie
In vrijwel elke gemeente van Nederland is er vanuit inwoners vraag naar tiny houses in een natuurrijke omgeving (Tiny House Nederland, 2018). En deze vraag wordt alleen maar groter. Tiny houses in combinatie met natuur kunnen een puzzelstukje zijn in de verbinding stad-platteland en voor veel inwoners een nieuw perspectief bieden; zowel aan de aanbod- als de vraagzijde van tiny houses. Daarnaast levert de gerealiseerde natuur een forse bijdrage aan natuur- en klimaatdoelen en draagt daarnaast bij aan biodiversiteit, recreatie, filteren van fijnstof en reductie van hittestress.

Over tiny houses in natuur
Vanuit landelijke wetgeving en vanuit het bestemmingsplan kunnen er obstakels liggen voor tiny houses in de natuur. Er mag immers niet zomaar gebouwd worden op gronden die een agrarische of natuurbestemming hebben. Het testlab ondersteunt gemeente- en provincieambtenaren in het identificeren van relevante regelgeving en het zoeken naar de mogelijkheden binnen de regels om toch aan de slag te kunnen. Met voldoende bestuurlijk draagvlak is immers veel mogelijk. De eerste resultaten bij deelnemende provincies en gemeenten laten zien dat er inderdaad volop kansen liggen. Meer informatie vindt u hier.

Door Daan Groot (De Natuurverdubbelaars) en Guido Enthoven (Instituut Maatschappelijke Innovatie). Dit artikel verscheen eerder in vakblad Groen. Groen biedt professionele en actuele artikelen over groen en natuur voor mensen in de stad en in het landschap.  Beeld: Lena van der Wal en De Natuurverdubbelaars

Doe je ook mee aan ‘Tegel eruit, plant erin’? Lever op zaterdag 28 maart 2020 een tegel in bij de Groei & Bloei stand bij Intratuin en ontvang 1 gratis plant.  Doe mee en maak Nederland groener.

Wie op zaterdag 28 maart 2020 tussen 10.00 en 15.00 uur een tegel inlevert bij Intratuin, krijgt een plant gratis. 

Zo willen Groei & Bloei en Intratuin met elkaar een groenere omgeving te creëren. Want, meer groen op straat is niet alleen mooi, het levert ook een bijdrage aan de biodiversiteit, zorgt voor een betere waterberging en voorkomt overbelasting van rioleringen.  Dus lever een tegel in bij de Intratuin bij jou in de buurt en draag je steentje bij aan een groenere leefomgeving.

Het schoolplein van Brede school De Lindenhoeve in Nijmegen is veranderd in een groene oase. Het hoveniersbedrijf Weer Naar Buiten heeft samen met de leerlingen maar liefst 3300 tegels verwijderd en bomen en struiken geplant. Een mooie Operatie Steenbreek actie: Stenen eruit, groen erin. Burgemeester Bruls opende vrijdag 10 januari het nieuwe schoolplein.

De aftrap van het vergroenen en vernieuwen van het schoolplein was op maandag 9 september. Alle leerlingen hebben geholpen met het verwijderen van de eerste stenen. Vervolgens hebben zij met hun klas een boom geplant met het hoveniersbedrijf Weer Naar Buiten. De kinderen versierden ook nog stoeptegels met mozaïek die verwerkt zijn in de twee amfitheaters.

Directeur Nathalie Mulders: ‘Alles bij elkaar heeft de verbouwing wel even geduurd maar het resultaat is geweldig. Ik zie nu steeds vaker dat kinderen hun regenlaarzen meenemen zodat zij – wat voor weer het ook is – heerlijk buiten kunnen spelen. Onze school is een gezonde school en dat betekent ook dat we gezond gedrag stimuleren. Het groene schoolplein sluit hier perfect bij aan.’ Al met al heeft het proces van idee ontwikkelen tot fondsen werven tot de realisatie ruim twee jaar geduurd. Diverse partijen hebben financieel bijgedragen: de provincie die subsidie beschikbaar stelt voor groene schoolpleinen, Jantje Beton en samenwerkingspartner KION. De ondersteuning vanuit het bestuur Conexus was een belangrijke factor voor het succes.

Rookvrij schoolplein
De Lindenhoeve is ook nog bezig geweest met het stimuleren van een rookvrije generatie. Het streven is dat vrijdag 10 januari die borden en stoeptegels die daarbij horen ook geplaatst zijn op en rondom het plein. Burgemeester Bruls omarmt de groene schoolpleinen en de uitgangspunten van de gezonde school. Daarom opent hij vrijdag het groene schoolplein en hoort hij graag van een aantal kinderen hun mening over het nieuwe plein.

Groene revolutie op de schoolpleinen
Mede door de subsidie van de provincie gaan steeds meer scholen in Nijmegen aan de slag met een groen schoolplein. Een groen plein kent vele voordelen. Bij zware regenbuien zakt het regenwater gemakkelijk in de grond en komen schoolpleinen niet blank te staan. Met de stijgende temperaturen in de zomer biedt een groen schoolplein koelte en kan er toch lekker buiten worden gespeeld. Bovendien is groen gezond en biedt een groen schoolplein meer creatieve uitdagingen voor de leerlingen. Ook dit jaar gaat Weer Naar Buiten een aantal schoolpleinen vergroenen. Een groene revolutie is gaande onder het motto van Operatie Steenbreek: ‘Stenen eruit, groen erin’. De afdeling Natuur- en Milieueducatie (NME), van De Bastei ondersteunt scholen in het proces naar een groen schoolplein.

Steenbreker van het jaar 2020
Naast de groene acties op schoolpleinen gaat Operatie Steenbreek Nijmegen ook in 2020 verder met ‘stenen breken’. De ambitie is om opnieuw 100.000 tegels te verwijderen waarvan minimaal 15.000 tegels bij particulieren. Bewoners van Nijmegen kunnen gratis tuintegels laten ophalen als zij hun tuin daarmee vergroenen. Zij maken dan ook kans om Steenbreker van het jaar 2020 te worden. Ook kunnen 25 bewoners gratis tuinadvies krijgen als zij hun versteende tuin willen aanpakken. Opgeven voor de ophaalservice en/of tuinadvies kan door een mail te sturen aan netwerk.steenbreek@debastei.nl. De aanmeldingen worden verwerkt op volgorde van binnenkomst. In 2020 is het wederom mogelijk om subsidie te krijgen voor het afkoppelen van regenpijpen (zoek op nijmegen.nl). Nieuw in 2020 is de actie ‘Bomen met je buren’. Wanneer mensen in hun buurt bomen willen planten, dan faciliteert Operatie Steenbreek dat i.s.m. de gemeente.

Houd de website www.steenbreeknijmegen.nl in de gaten voor meer informatie.

Het is een uitdaging om speelnatuur op een schoolplein te realiseren. Steeds vaker krijgen hoveniers de vraag om daaraan mee te werken, maar wat is een groen schoolplein eigenlijk? Hoe ziet dat eruit, wat komt erbij kijken en hoe pak je dat aan?

Stichting Springzaad (www.springzaad.nl) biedt een compacte, praktische 2-daagse cursus aan waarin deze vragen beantwoord worden. Deze cursus is bedoeld voor hoveniers en anderen die graag een goed beeld willen krijgen van wat er bij een groen schoolplein komt kijken.

Interesse? Download hier de flyer van Springzaad

Beeld: Sjon.nl

Van 18 tot en met 20 september 2020 organiseert de stad Antwerpen voor de tweede keer het dakenfestival DAKkan. Tijdens DAKkan ontdekken bezoekers de stad letterlijk op ongekende hoogtes. Het festival toont welke mogelijkheden daken kunnen bieden op vlak van openbare ruimte en klimaatbeheersing.

De stad gaat nu op zoek naar eigenaars en huurders van private of publieke gebouwen die met hun dak aan het festival willen deelnemen.

Groendaken
‘DAKkan is het uitgelezen moment om te laten zien hoe groendaken kunnen bijdragen aan een meer klimaatrobuuste stad’, zegt schepen voor leefmilieu Tom Meeuws. ‘Daken met planten, struiken of bomen houden niet enkel water vast na een regenbui, ze zorgen ook voor een betere afkoeling van de stad tijdens warme zomers. Verder bieden ze een plek aan tal van insecten en andere kleine dieren, waardoor de biodiversiteit in de stad stijgt.’

Waarom een dakenfestival?
Veel mensen zijn echter niet vertrouwd met de mogelijkheden, waardoor deze enorme oppervlakte meestal onbenut blijft. De eerste editie van DAKkan in 2018 bracht 3000 bezoekers op de been. Zij kregen meer informatie over het vergroenen van hun eigen dak. Het DAKkan-festival zorgde er zo voor dat de Antwerpenaren hun stad vanuit een andere invalshoek bekeken en op niet-alledaagse plekken cultuur konden beleven.

Beeld: Jasper Leonard

Het gaat slecht met de autochtone, wilde bomen en struiken in Nederland. Dit heeft grote gevolgen voor de biodiversiteit en de klimaatbestendigheid van onze bossen. Daarom lanceert Landschapsbeheer Flevoland en Ecologisch Adviesbureau Maes in samenwerking met RCE en LandschappenNL het plan ‘Behoud Groen Erfgoed’. Hierin staan adviezen hoe beleidsmakers, natuurbeheerders, waterschappen en boeren allemaal een bijdrage kunnen leveren om bedreigde wilde bomen en struiken te behouden en te beschermen.

In Nederland zijn de laatste populaties van wilde bomen en struiken niet goed beschermd. Ze verdwijnen en dit wordt nauwelijks opgemerkt. Er is zorg over het verdwijnen van tropische oerwouden, maar ook in Nederland ligt er een grote uitdaging. Het aandeel van de wilde bomen en struiken op het totaal van het bosareaal en de landschapselementen die uit bomen en struiken bestaan, is naar schatting minder dan 3%. Daarnaast is de helft van het autochtone boom- en struiksoorten zeldzaam en bedreigd in hun voortbestaan. Ze zijn nog te vinden in oude houtwallen en beekoevers of oude bosranden. Deze oude landschapselementen staan echter onder druk, en zo verdwijnen de laatste wilde populaties ‘oerbomen’ – en struiken samen met het oude cultuurlandschap. Ook in natuurgebieden is extra zorg nodig voor beheer en behoud van deze bomen en struiken.

Bron van biodiversiteit
De ene eik is de andere niet. Een boom staat niet op zichzelf, maar maakt deel uit van een voedselweb met insecten, vogels, schimmels, paddenstoelen en nog veel meer soorten. Bij autochtone, wilde bomen is dit voedselweb in duizenden jaren ontwikkeld. Hierdoor herbergen deze ‘oerbomen’ een grote en oorspronkelijke biodiversiteit. Ook is de genetische variatie in deze bomen groter, waardoor zij beter bestand zijn tegen klimaatverandering dan regulier plantgoed dat juist genetisch homogeen is. Om te bepalen of een boom inderdaad tot de wilde populatie met deze subtiele, ecologische relaties behoort is een deskundig oog nodig. Het verdwijnen van de wilde bomen en struiken zou onze (bos)ecosystemen ernstig verarmen.

Maatregelen
Gelukkig is het goed mogelijk om deze waardevolle bomen en struiken te beschermen. In het adviesplan staan veel concrete maatregelen, waarmee beheerders, gemeenten, waterschappen, boeren en beleidsmakers kunnen helpen om dit belangrijke natuurlijke én cultuurhistorische erfgoed te behouden. De maatregelen zijn in de regel prima inpasbaar in beheer door bijvoorbeeld het markeren van bijzondere bomen in het veld en bos, waardoor deze bij werkzaamheden gespaard worden. In het rapport ‘Behoud Groen Erfgoed’ staan nog veel meer doeltreffende maatregelen.

Rapport met aanbevelingen
LandschappenNL roept beheerders en beleidsmakers op om stappen te zetten. Het rapport ‘Behoud Groen Erfgoed’ geeft hiervoor concrete informatie. Dit rapport is mede mogelijk gemaakt door de Rijksdienst van Cultureel Erfgoed (RCE). Met kennis en advies geeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed de toekomst een verleden. Een gedrukt exemplaar is aan te vragen of te downloaden via LandschappenNL.

Bron:
Landschappen.nl

Zestig studenten van de opleiding Planologie van de Universiteit van Amsterdam (UvA) zijn momenteel – van maandag 6 januari t/m vrijdag 10 januari – in Ede onderzoek aan het doen naar de beleving van openbare groene ruimtes in de gemeente.

Centraal staan de vragen: hoe relateren mensen zich aan de openbare groene ruimte en welke factoren hebben hier invloed op? Het onderzoek betreft een leerproject van de opleiding Planologie om studenten bekend te maken met het uitvoeren van empirisch onderzoek.

Biodiversiteit versterken
De gemeente Ede heeft als doel de biodiversiteit in de gemeente te beschermen en te versterken. Dit vraagt ook om ondersteuning van de bewoners. Eerder wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat de betrokkenheid van bewoners bij milieuvraagstukken is gerelateerd aan de kwaliteit van buurtbinding en de manier waarop de bebouwde omgeving en de openbare ruimte zijn ingericht. Het leerproject brengt in beeld of en in hoeverre deze aspecten ook een rol spelen in Ede.

De studenten doen een week lang onderzoek in 20 verschillende buurten in Ede. Zij nemen deur-aan-deur vragenlijsten af en interviewen bewoners en experts. De opleiding hoopt van harte op de medewerking van Edenaren.

Bron:
UvA

Woningbouwcorporatie Woonkracht 10 heeft haar huurders in de Stellingmolen in Papendrecht aangeboden om gratis een geveltuin aan te laten leggen. Veel bewoners hebben hier enthousiast op gereageerd en zijn ook bereid zelf de handen uit de mouwen te steken. Dit initiatief wordt ondersteund vanuit de gemeente Papendrecht en Waterschap Rivierenland.

Vergroening van de woonomgeving zorgt ervoor dat een straat, buurt of wijk beter gewapend is tegen extremer weer. Door de klimaatverandering nemen hoosbuien, hoge temperaturen en lange perioden van droogte toe. Om dat zo goed mogelijk op te vangen moeten zowel de openbare als particuliere ruimtes worden aangepakt.

Woonkracht10 nam het initiatief om vergroening van de Stellingmolen te bespreken met de gemeente en de Bewonersadviesgroep Stellingmolen. Zij stelde voor enkele kopgevels en bergingen te voorzien van bloeiende klimplanten en leibomen, geveltuinen aan bewoners aan te bieden en enkele openbare groenvakken te vergroten.

Subsidie waterschap
Waterschap Rivierenland heeft subsidie (Hohohoosbui) voor inwoners en instanties die samen werken aan het klimaatbestendig maken van tuin, huis of straat. Denk daarbij aan groene daken of het vervangen van tegels door gras en planten.  De subsidie van het waterschap is een welkome bijdrage aan het vergroeningsproject Stellingmolen.

Bewoners enthousiast
Op de bewonersbrief die huurders in november van Woonkracht10 ontvingen kwamen 52 positieve aanmeldingen binnen. Tien huurders gaven bovendien aan ook bereid te zijn de openbare plantvakken zelf te onderhouden. Met hen bespreekt de gemeente komend voorjaar het beplantingsplan en de onderhoudsplanning.

Start van de werkzaamheden
De werkzaamheden zijn recent gestart. Aannemingsbedrijf Schotgroep B.V. voert het werk uit. Schotgroep werkt momenteel ook in de Staringlaan in Papendrecht en zal de stenen die vrijkomen uit de Stellingmolen hergebruiken in de Staringlaan. Zo draagt ook de aannemer een steentje bij aan duurzaam (her)gebruik van materialen.